Beeld N23 Westfrisiaweg
Regioakkoord
 

Op 17 oktober 2007 stemden bestuurders van de 16 betrokken partijen in met het Regioakkoord N23 Westfrisiaweg. Provincie, gemeenten, Hoogheemraadschap en het georganiseerd bedrijfsleven maakten in het Regioakkoord afspraken over de ligging van de weg, de kosten van uitvoering en de financiële bijdrage van de regionale partijen.

Uitgangspunten voor het gekozen ontwerp zijn:

  • Zoveel mogelijk gebruik maken van bestaande infrastructuur
  • Aanleg als stroomweg, om de doorstroming te verbeteren en de verkeersveiligheid te vergroten (onder meer door ongelijkvloerse kruisingen en parallelwegen)
  • Aandacht voor langzaam verkeer (fiets- en landbouwverkeer)
  • Ruimte scheppen voor ontwikkeling en verfijning van regionaal openbaar vervoer

Deze uitgangspunten worden uitgewerkt in het detailontwerp. Het Regioakkoord is ook het vertrekpunt voor het overleg met het Rijk over een financiële bijdrage in de gekozen oplossing voor de verkeersproblematiek.

Bij de keuze van het tracé in het oostelijk deel ging het met name tussen de noordvariant en de variant ten westen van Hoogkarspel. De Stuurgroep heeft uiteindelijk in meerderheid voor de westelijke variant gekozen, omdat:

  • Het concept van de Bandstad [1] met een feitelijke ringweg het beste is gediend
  • De rondweg om de Bandstad de meeste ruimte biedt voor groei van wonen en werken
  • Het sluipverkeer in de kernen het beste kan worden tegengegaan
  • Een doorsnijding van de zaadindustrie bij Enkhuizen wordt voorkomen en het behoud van Seed Valley voor de regio wordt veiliggesteld
  • Een onderdoorgang van de linten en het spoor bij Hoogkarspel technisch en financieel mogelijk is en landschappelijk goed kan worden ingepast

Kosten
De kosten van het plan zijn ca 350 tot 400 miljoen euro, exclusief BTW. Pas bij verdere uitwerking van het plan, kan met meer zekerheid een indicatie worden gegeven van de totale kosten. Ter dekking van deze kosten dragen de gemeentelijke partijen gezamenlijk in totaal ongeveer 70 miljoen euro bij. Iedere gemeente bepaalt zelf hoe zij haar bijdrage zal innen. Zeker is dat geplande en te bouwen woningbouwlocaties en bedrijventerreinen te maken krijgen met een opslag op de vierkante meter prijs. Hierover zijn afspraken gemaakt met het georganiseerd bedrijfsleven. Op deze wijze draagt zij een flink deel bij aan de dekking. De provincie heeft een eerste eigen bijdrage van 100 miljoen gereserveerd en zal in overleg met het Rijk haar bijdrage verder specificeren. De provincie loopt, als eigenaar en beheerder van de nieuwe N23 uiteindelijk het risico bij tekorten in de dekking of kostenoverschrijdingen.

Planning
Het Regioakkoord is op 11 april 2008 aangeboden aan de minister van Verkeer en Waterstaat. Dit is vergezeld gegaan van een Maatschappelijke Kosten Baten Analyse (MKBA). Hierin zijn de maatschappelijke effecten (zowel positief als negatief) van deze investering in kaart gebracht. Het ministerie van V&W buigt zich nu over een eigen oordeel over het verkeersvraagstuk en de doelmatigheid van het ontwerp. Op basis van haar eigen conclusies zal het ministerie bepalen of dit project in aanmerking komt voor een rijksbijdrage. Als deze ‘horde' is genomen, vormt een uiteindelijke Realisatieovereenkomst de definitieve basis voor het feitelijke bouwbesluit. De start van de bouw wordt voorzien in de tweede helft van 2010.


[1] Een stedelijke zone waarvan de gemeenten gezamenlijk een langgerekte vorm hebben.